Go Short Producers Campus door Alexander Roux

Nieuws

Tijdens Go Short 2026 werkte Screen Talent NL samen met het festival om opkomende Nederlandse producenten ervaring te bieden binnen een internationaal netwerk. Als onderdeel van deze samenwerking werd een producentendelegatie samengesteld vanuit de verschillende regionale hubs, met als doel talentontwikkeling te versnellen, internationale uitwisseling te stimuleren en concrete stappen te zetten richting co-productie, distributie en festivalstrategie.

Van 8 t/m 11 april namen vier producenten uit de STNL talenthubs Playgrounds Next, Scope film, Studio Camera en CineNord deel aan de Producers Campus: Simon Bavinck, Elizabeth Francisco, Le Roux Fourie en Alexander Roux. Tijdens deze vier intensieve dagen volgden zij een op maat gemaakt programma met workshops, masterclasses, pitching labs en één-op-één gesprekken met internationale professionals.

Deelnemer Alexander Roux (NakedHearts Film) schreef voor Screen Talent NL een verslag van zijn ervaringen tijdens de Producers Campus, waarin hij reflecteert op de inhoud van het programma, de ontmoetingen met internationale collega’s en de impact op zijn eigen praktijk als producent.

Alexander Roux NakedHearts Film / ROUX. — powered by Screen Talent NL

Afgelopen week nam ik deel aan de Producers Campus van GoShort 2026 in Nijmegen, de deelname was mede mogelijk gemaakt door Screen Talent NL. Vier dagen lang werkte ik samen met een internationale groep producenten aan het aanscherpen van onze projecten, het uitbreiden van ons netwerk en het verdiepen van ons vak. Mijn eerste kennismaking met dit festival en een superwaardevolle professionele ervaring die me nog lang bij zal blijven.


Collega’s met lef | Wat me het meest raakte was de groep zelf. Ik ontmoette producenten uit heel de wereld, van Portugal tot Kroatië, van Hong Kong tot Zuid-Afrika, die stuk voor stuk vanuit een diepe persoonlijke motivatie werken. Iemand als Katheryna Lesyk, die een kortfilm ontwikkelt over een Oekraïense architect die na de oorlog terugkeert om bij te dragen aan de wederopbouw en daar wordt afgewezen door haar eigen gemeenschap. Haar project raakte me door de combinatie van persoonlijke missie en gevoel voor tijdgeest. Of Bernardo, die met first- and second-time filmmakers werkt en nu bezig is met een found footage-film over Palestina, een maker die ik graag zou willen betrekken in het programma van de Groninger Filmdagen. In die ontmoetingen herkende ik mijn eigen drijfveren: het vertellen van verhalen die een stem geven aan het ongehoorde, geworteld in een plek en een gemeenschap. Door een langere periode met elkaar te werken en te socializen, leerde ik ook de persoon achter de maker kennen en ontstond er ruimte voor echte verbinding.


Pitchen en leren | Tijdens het pitching lab werkte ik aan de pitch voor Erfenis van de Rat. Ik leerde scherper te formuleren: de rule of three (welke drie dingen blijven je bij na een pitch), het belang van non-verbale communicatie en het verschil tussen een forumpitch en een één-op-één-gesprek. Ik pitchte het project als een sci-fi neo-western vanuit een toekomstig Groningen waar gaswinning is heropend en merkte dat het thema van extractie, gebroken beloften en regionale identiteit direct resoneerde bij internationale collega’s. De feedback hielp me om concreter te worden over welke Europese regio’s ik zoek als co-productiepartner: gebieden die vergelijkbare spanningen kennen tussen economische exploitatie en de invloed daarvan op de lokale identiteit.


Industrie en strategie | De workshop You made a short film — now what? van GoShort-artistiek leider Mathieu Janssen bood nuchtere inzichten over festivalstrategie en distributie. Laurels op een poster doen weinig. Een distributeur fungeert als keurmerk, maar dat kan ook tegen je werken. Voor shorts tellen persoonlijke connecties bij festivals minder dan voor speelfilms, wat telt is nieuw, eigenzinnig werk. In de Q&A met Head Programmer Julia Yudelman en Head of Industry Emilia Mazik verdiepte ik me verder in hoe festivals programmeren en of het iets uitmaakt hoe lang je korte film is: ja, korter is beter, ze laten liever meer films in één blok zien. Maar als je film die 30 minuten echt nodig heeft, wordt die ook geprogrammeerd.


Connecties | Met al deze nieuwe inzichten kon ik me grondig voorbereiden op de 1-op-1-pitches. Met een nieuwgevonden zelfvertrouwen en een ontspanning die ik niet eerder zo voelde dook ik degesprekken in. Zo sprak ik met Jolijn van Rees en Maan Meelker (Filmfonds), Rajae el Morabet Belhaj (Creative Europe MEDIA), Nele Delvaux (VAF), Silja Ebeling (Kurzfilm Agentur Hamburg), Michel Rensen (Purple Ray), Max Bergmann (Vienna Shorts), Sofía Ponce de León (Festival Mecal), Maciej Misztal (Lublin Film Festival) en Vincent Langouche (Leuven Kortfilmfestival). Stuk voor stuk gesprekken die deuren openen naar internationale samenwerking, financiering en festivalcircuits die relevant zijn voor onze projecten.


Tot slot | Go Short bevestigde waarop ik hoopte: dat er in Europa een netwerk groeit van makers en producenten die authentieke, gedurfde en eigenzinnige films willen maken en dat NakedHearts Film en de verhalen uit het Noorden daar volwaardig deel van uitmaken. Ik ga terug naar Groningen met concrete leads, een scherpere pitch en het gevoel dat we op de goede weg zijn.


PS: Er was zelfs tijd om films te kijken! Wat me daar nog het meeste opviel, is dat regels er zijn om gebroken te worden. Ik mag best wel wat meer risico’s nemen en minder bezig zijn met of ik het wel ‘goed’ doe. Korte films zijn bij uitstek het medium om te experimenteren en om op zoek te gaan naar je eigen handtekening.

Meer Actualiteit